Hoe ik mijn angst overwon

Hoe ik mijn angst overwon

Angstklachten zijn onlosmakelijk verbonden aan een burn-out. En dat is ook logisch. Je lichaam werkt niet meer zoals je gewend bent, en dat zorgt voor spanning en onzekerheid. Bij mij resulteerde dat een paar jaar geleden in een angst die ik ontwikkelde voor het (drukke en onvoorspelbare) openbaar vervoer. In dit artikel vertel ik je hoe ik hier vanaf ben gekomen.

 

Geen angst

Terwijl ik dit typ, denk ik terug aan die tijd. Het was destijds zo raar om te beseffen dat ik me niet meer veilig voelde in de trein. Deze manier van reizen had ik namelijk jarenlang gedaan. En ook nog eens met plezier. Ik vond het heerlijk om (met een kopje koffie!) in de trein te zitten, muziek te luisteren, beetje uit het raam te staren en me op te laden voor een werkdag. Of na afloop ervan hier juist even tot mezelf te komen. Ook was dit voor mij dé manier om familie en vrienden op te zoeken. Kortom: ik had totaal geen problemen met het ov en maakte er dagelijks gebruik van.

 

Ontstaan van de angst

Tot een paar maanden voordat ik compleet vloerde. Ik liep toen stage in Utrecht en woonde in Amsterdam. Toen ik opstond voelde het voor mij als een raadsel hoe ik ooit in Utrecht terecht zou komen. Alle stappen die ik normaal gesproken deed om mijn dag te beginnen, voelde ineens als mega to-do’s. Opstaan, douchen, aankleden, ontbijten, spullen pakken, met de metro richting het station, dan de trein in, uit de trein door de chaos op het station richting de tram, dan nog een stukje wandelen én dan pas was ik op kantoor. Dingen die ik normaal puur routinematig deed voelden ineens als grote losse onderdelen. En achteraf was dat ook wel logisch. Want mijn energie had inmiddels echt een (bijna) nulpunt bereikt. Op mijn stage zelf vroeg ik me steeds af hoe ik in vredesnaam weer thuis zou komen. Continu spookte de woorden “ik ben op, ik kan niet meer” door mijn hoofd. Het feit dat ik na mijn werkdag ook nog eens een (drukke) treinreis voor de boeg had, maakte dat ik hier steeds meer tegenop begon te zien. Dit werd versterkt door de hevige hartkloppingen en duizelingen die ik in de trein ervoer.

Een paar weken later had ik officieel een burn-out en kon ik (even) echt helemaal niks meer. Mijn stage liep toen gelukkig net af (alsof je lichaam daar naartoe gewerkt heeft). Niet veel later vond ik een goede psycholoog in een plaats buiten Amsterdam. De eerste paar weken waren mijn vriend, ouders en goede vriendin uiteraard bereid om mij te halen en te brengen. Maar je snapt, de reisjes met het ov wilde ik op een gegeven moment ook zelf weer onder de knie krijgen. Het zou mij immers weer wat vrijheid en vertrouwen teruggeven. Ook wilde ik vooral niet te veel mensen tot last zijn.

 

Afbouwen van de angst

Maar hoe bouw je zo’n angst af? Wat betreft mijn bezoekjes aan de psycholoog deed ik dat vaak door full exposure. Ik ging ervoor. En dit ging goed. Maar een erg prettige ervaring was het (in het begin) niet. Op het moment zelf hielp de adrenaline me aardig, maar daarna was ik compleet op. Ook het gegeven dat ik dit moest doen (lees: anders zou ik geen hulp ontvangen), voelde niet fijn. Daardoor bleef er op dit ene verplichte treinreisje een ontzettende druk zitten. Gelukkig nam die spanning in de loop van de tijd steeds meer af.

Ik bedacht namelijk een plan om mijn angst af te bouwen. Ik noemde het oefenen zonder druk. Ik begon met bus- en tramritjes door Amsterdam en maakte met mezelf de afspraak dat ik fouten mocht maken. Het hoefde niet perfect te gaan. Het is zelfs een keer voorgekomen dat mijn tram met pech kwam te staan en ik vanaf dat punt een taxi naar huis heb genomen. Waar een ander misschien denk: “Is dit niet een beetje overdreven?” vind ik dit juist alleen maar heel sterk. Dit incident liet mij namelijk inzien dat ik in staat ben om op dit soort (voor mij toen heftige) momenten in oplossingen te denken. En daardoor begon ik weer vertrouwen te krijgen. Er volgden vele “loze” ritjes. In het begin voelde het als overleven. Later begon ik steeds meer in het moment ontspanning te vinden. Dit kwam omdat ik het vaker deed en ik me steeds veiliger in mijn lichaam voelde (minder last van spanningsklachten en dat nare wattige gevoel).

 

Bevrijd van de angst

Door te oefenen zonder druk leerde ik weer vertrouwen krijgen. Ik leerde mezelf kalmeren op moeilijke momenten en weer te anticiperen op het onvoorspelbare. Het werkte mee dat er naast die oefenritjes verder niets van me werd verwacht. Ik hoefde alleen maar te oefenen. Dit zorgde er vervolgens ook voor dat de ritjes naar de psycholoog (die wat meer een verplichting waren) steeds gemakkelijker verliepen. Ik begon langzamerhand weer meer te genieten, net als voorheen. Het werden zelfs weer momenten om juist even op adem te komen. Maar ook: als ik wel spanning voelde, was dit oké. Het hoefde niet perfect te gaan. Dit was immers een oefenproces. En oefening baart absoluut kunst. De angst verdween.

Ik geloof dat deze aanpak op zoveel meer terreinen inzetbaar is. Ga oefenen, begin klein en bouw vanuit daar stap voor stap verder. Het komt écht goed.

 

 

Geen reactie's

Geef een reactie